Altijd honger? Dit zijn de oorzaken en wat eraan te doen is
|
|
Tijd om te lezen 19 min
Winkelwagen
Je winkelwagen is leeg
|
|
Tijd om te lezen 19 min
Je hebt net gegeten, maar na een uur knort je maag alweer. Of je merkt dat je de hele dag door blijft snacken, hoe goed je ook je best doet om gezond te eten.
Herkenbaar? Je bent daar niet de enige in.
Een constant hongergevoel is frustrerend, zeker als je probeert gezonder te leven of een paar kilo kwijt wilt. Gelukkig is er in de meeste gevallen een logische verklaring.
In dit artikel lees je wat er in je lichaam gebeurt als je honger krijgt, welke leefstijlfactoren de grootste rol spelen en wanneer aanhoudende honger juist een reden is om naar de huisarts te gaan.
Aanhoudende honger hangt meestal samen met voeding, slaap en stress, maar kan in sommige gevallen ook een medische oorzaak hebben.
De hormonen leptine en ghreline spelen een rol bij honger en verzadiging, en leefstijl kan dat samenspel beïnvloeden.
Bij honger die gepaard gaat met veel dorst, onbedoeld gewichtsverlies, hartkloppingen of aanhoudende vermoeidheid is een bezoek aan de huisarts verstandig.
Of je honger hebt of juist verzadigd bent, wordt geregeld door een samenspel van signalen tussen je hersenen, maag, darmen en vetweefsel.
Twee bekende hormonen die daarbij een rol spelen, zijn leptine en ghreline.
Kortom: leptine en ghreline zijn twee van de signalen waarmee je lichaam honger, verzadiging en energiebalans regelt. Maar ze werken niet alleen. Ook wat en hoeveel je eet, hoeveel je slaapt, stress en andere lichamelijke signalen kunnen invloed hebben op hoeveel trek je ervaart.
Die signalen uit je hersenen, maag en vetweefsel staan niet op zichzelf. Wat je eet, hoe je slaapt en hoeveel stress je hebt, sturen ze voortdurend bij, vaak zonder dat je het doorhebt.
Aanhoudende honger ligt dus zelden aan te weinig wilskracht.
Hieronder vind je veertien mogelijke oorzaken, met een concrete tip erbij.
Wit brood, koekjes en andere geraffineerde koolhydraatbronnen bevatten vaak minder vezels dan volkoren producten.
Eet je ze los of bestaat een groot deel van je maaltijd eruit, dan kan zo'n maaltijd minder lang vullen.
Tip: kies vaker voor volkoren producten en combineer koolhydraten met een bron van eiwitten en vezels. Denk aan volkoren brood met eiwitrijk beleg of havermout met yoghurt en fruit. Zo maak je je maaltijd voedzamer en vullender.
Eiwitten kunnen bijdragen aan een verzadigd gevoel.
Uit een meta-analyse van gerandomiseerde studies blijkt dat een hogere eiwitinname op korte termijn de honger kan verminderen en de verzadiging kan verhogen.
Ook werden veranderingen gezien in hormonen die betrokken zijn bij de regulering van je eetlust, waaronder ghreline (3).
Tip: zorg dat je maaltijden een goede eiwitbron bevatten, zoals eieren, vis, vlees, zuivel, tofu of peulvruchten. Ook eiwitrijke tussendoortjes kunnen daarbij helpen.
Als algemene richtlijn hebben gezonde volwassenen dagelijks ongeveer 0,8 gram eiwit per kilo lichaamsgewicht nodig. Je persoonlijke behoefte kan hoger liggen, bijvoorbeeld als je veel sport.
Volkoren granen, groente, fruit, peulvruchten, noten en zaden zijn belangrijke bronnen van vezels.
Sommige soorten vezels kunnen volgens onderzoek bijdragen aan een verzadigd gevoel, al verschilt dit effect per type vezel (4).
Tip: varieer met vezelrijke producten en combineer verschillende bronnen. Denk aan havermout met fruit, volkoren brood, peulvruchten, groente, noten en zaden.
Vet is niet alleen een bron van energie, maar beïnvloedt ook verschillende processen die betrokken zijn bij verzadiging (5).
Een maaltijd hoeft daarom niet zo vetarm mogelijk te zijn. Belangrijker is welke vetten je kiest en hoe je maaltijd als geheel is samengesteld.
Tip: voeg bijvoorbeeld wat noten, avocado, olijfolie of vette vis toe aan je eetpatroon. Combineer deze met eiwitrijke en vezelrijke producten voor een volwaardige maaltijd.
Niet iedereen hoeft uitgebreid te ontbijten om de dag goed door te komen.
Maar merk je dat je na een licht ontbijt al snel weer trek krijgt? Dan kan het helpen om te kijken naar wat en hoeveel je 's ochtends eet.
Onderzoek onder deelnemers met obesitas laat zien dat het moment waarop je eet invloed kan hebben op je hongergevoel.
Deelnemers die een groter deel van hun dagelijkse energie eerder op de dag aten, rapporteerden minder honger dan wanneer dezelfde hoeveelheid energie vooral later op de dag werd gegeten (6).
Tip: heb je 's ochtends snel weer trek, probeer dan eens een ontbijt met eiwitten en vezelrijke producten. Denk aan kwark met havermout en fruit, of volkoren brood met eiwitrijk beleg.
Een korte nacht merk je niet alleen aan je energie. Te weinig slaap kan ook invloed hebben op je hongergevoel en eetgedrag.
Hormonen die betrokken zijn bij de regulering van je eetlust worden vaak genoemd als mogelijke verklaring.
Een meta-analyse van 21 studies laat zien dat mensen die kort slapen gemiddeld een hoger ghrelineniveau hebben, het hormoon dat je aanzet tot eten (7).
Hoe de andere hormonen precies meebewegen, verschilt per onderzoek.
Tip: probeer voldoende tijd voor slaap vrij te maken en houd waar mogelijk een regelmatig slaapritme aan. Voor de meeste volwassenen ligt het advies rond de zeven tot negen uur slaap per nacht.
Stress kan je eetlust veranderen. Sommige mensen krijgen juist minder trek, terwijl anderen vaker zin krijgen in eten of makkelijker naar energierijke producten grijpen.
Het stresshormoon cortisol en veranderingen in andere signalen die betrokken zijn bij eetlust kunnen daarbij een rol spelen (1, 8, 9).
Tip: bouw bewust momenten van ontspanning in. Wandelen, sporten, meditatie of yoga kunnen helpen om stress te verminderen. Langdurige stress kan daarnaast invloed hebben op onder andere je slaap en concentratie.
Kijk je televisie of scrol je op je telefoon tijdens het eten? Dan heb je minder aandacht voor je maaltijd. Onderzoek laat zien dat afgeleid eten vooral samen kan gaan met meer eten tijdens een later eetmoment (10).
Ook je eettempo kan verschil maken. Mensen die snel eten, krijgen gemiddeld meer energie binnen dan mensen die rustiger eten (11).
Onderzoek laat daarnaast een verband zien tussen sneller eten en verschillende ongunstige gezondheidsuitkomsten (12).
Tip: geef je maaltijd wat meer aandacht. Leg je telefoon weg, neem kleinere happen en kauw rustig. Zo geef je jezelf meer gelegenheid om op te merken wanneer je genoeg hebt gegeten.
Goed om te weten: ook je servies kan verschil maken. Van een kleiner bord eet je vaak vanzelf iets minder, zonder dat je het gevoel hebt dat je tekortkomt. Eet je met een kleinere lepel of vork, dan neem je bovendien kleinere happen en eet je automatisch langzamer.
Drinken en eten geven niet altijd hetzelfde verzadigingsgevoel, zelfs als ze ongeveer evenveel energie leveren.
Onderzoek naar de vorm van voeding suggereert dat vloeibare voeding in bepaalde situaties minder verzadigend kan zijn dan vaste voeding (13).
Dat betekent niet dat soep of een smoothie per definitie een slechte keuze is. De samenstelling van je maaltijd blijft belangrijk.
Tip: merk je dat een smoothie of andere vloeibare maaltijd je maar kort vult? Probeer dan eens een maaltijd waarop je meer moet kauwen, bijvoorbeeld met groente, volkoren producten en een eiwitbron.
Sommige tussendoortjes stillen je honger maar even, waardoor je al snel weer trek krijgt.
Wat je kiest, kan daarbij verschil maken, zoals je bij eiwitten en vezels hierboven al las.
Tip: kies bijvoorbeeld voor een bakje kwark of yoghurt, of een handje ongezouten noten. Kwark en yoghurt leveren eiwitten, terwijl noten onder andere vezels, eiwitten en onverzadigde vetten bevatten.
Honger en dorst zijn verschillende signalen, maar in de praktijk is het niet altijd meteen duidelijk waar je behoefte aan hebt.
Water drinken vóór een maaltijd kan bovendien tijdelijk bijdragen aan een voller gevoel (14).
Dat betekent niet dat je honger simpelweg kunt oplossen door meer water te drinken. Heeft je lichaam energie en voedingsstoffen nodig, dan heb je eten nodig.
Tip: zorg dat je verspreid over de dag voldoende drinkt. Krijg je kort na een maaltijd alweer trek en heb je weinig gedronken? Neem dan eerst een glas water en kijk hoe je je daarna voelt.
Hoe actiever je bent, hoe meer energie je lichaam gebruikt. Zeker bij veel of intensief sporten kan je energiebehoefte flink toenemen. Het is dan niet vreemd als je ook meer trek krijgt.
Onderzoek laat zien dat mensen met een hoger energieverbruik in rust gemiddeld meer honger ervaren en meer eten (15).
Ook wat je rondom je training eet, kan verschil maken. Onderzoek laat zien dat niet eten na inspanning gepaard kan gaan met meer honger later op de dag (16).
Tip: stem je voeding af op hoeveel je beweegt. Na een stevige training kun je bijvoorbeeld kiezen voor een maaltijd of tussendoortje met eiwitten en koolhydraten. Daarmee vul je energie aan en geef je je lichaam bouwstoffen voor herstel.
Een glas wijn of bier bevat behoorlijk wat calorieën, maar je eet daardoor niet minder.
Onderzoek laat zien dat wat je drinkt er meestal gewoon bij komt bovenop je maaltijden (17).
Of je van alcohol ook echt meer trek krijgt, is minder duidelijk onderzocht.
Tip: merk je dat je meer eet als je drinkt? Eet dan iets voedzaams vóór de borrel. Begin je met een lege maag, dan is de kans groter dat je later op de avond meer eet dan je van plan was.
Nooit meer chocolade, geen brood meer of helemaal geen suiker: strenge regels lijken vaak de snelste weg als je gezonder wilt eten.
Maar als je jezelf voortdurend bepaalde voedingsmiddelen ontzegt, gaat je aandacht juist vaker naar eten uit.
Onderzoek bij mensen die streng op hun eten letten, laat zien dat hun aandacht sterker naar eten toe getrokken wordt.
Denk aan een reclame voor pizza die je ineens opvalt, of de bakkerij waar je normaal langsloopt (18).
Tip: kies voor een eetpatroon dat je ook op de lange termijn kunt volhouden. Daarin kan meestal prima ruimte zijn voor iets wat je lekker vindt, naast de producten die de basis van je voeding vormen.
Disclaimer: merk je dat eten, je gewicht of strenge eetregels veel van je gedachten in beslag nemen, of heb je regelmatig het gevoel de controle over eten te verliezen? Bespreek dit dan met je huisarts of een andere deskundige. Dit kunnen signalen zijn van verstoord eetgedrag of een eetstoornis.
Naast wat je eet, hoe je slaapt en hoe je met stress omgaat, zijn er twee factoren die minder in je eigen hand liggen maar wel meespelen: je leeftijd en je lichaamssamenstelling.
Met het ouder worden verandert je hormoonhuishouding rond eetlust.
Een meta-analyse van 35 studies vergeleek oudere en jongere volwassenen.
Ouderen hadden hogere waarden van hormonen die je eetlust afremmen, zoals leptine, en rapporteerden zowel op een lege maag als na het eten minder honger (19).
Dit betekent niet dat honger vanzelf verdwijnt als je ouder wordt. Het kan wel verklaren waarom je eetpatroon door de jaren heen verandert.
Meer gewicht betekent niet automatisch meer honger, al wordt dat vaak gedacht.
Een meta-analyse van 70 studies vergeleek mensen met en zonder overgewicht en vond bij de eerste groep juist lágere waarden van het hongerhormoon ghreline, en na een maaltijd ook lagere hongerscores (20).
Waar onderzoekers wel naar kijken, is hoe goed het verzadigingssignaal doorkomt. Leptine is het hormoon dat je hersenen vertelt dat er genoeg energie is.
Bij sommige mensen met overgewicht reageert het lichaam daar minder goed op, ook al is er genoeg leptine aanwezig.
Dat heet leptineresistentie: het sein "ik zit vol" komt dan minder duidelijk binnen (21).
Goed om te weten: bij beide onderzoeken zagen de wetenschappers grote verschillen tussen mensen onderling, en het is nog niet duidelijk of deze verschillen een oorzaak of juist een gevolg van overgewicht zijn.
Bij de meeste mensen ontstaat aanhoudende honger door een combinatie van de factoren die we hierboven hebben besproken.
Maar soms kan er ook een medische oorzaak achter zitten.
Bij hyperthyreoïdie maakt je schildklier te veel schildklierhormoon aan. Hierdoor verbruikt je lichaam meer energie.
Je kunt daardoor meer trek hebben, terwijl je toch gewicht verliest.
Andere klachten die vaak voorkomen zijn hartkloppingen, trillende handen, gejaagdheid en moeite met warmte verdragen (22).
Een te hoge bloedsuiker, zoals bij diabetes kan voorkomen, kan samengaan met veel dorst, vaker plassen en vermoeidheid (23).
Een te lage bloedsuiker kan juist plotseling sterke honger veroorzaken, vaak samen met klachten als trillen, zweten of duizeligheid.
Dit komt vooral voor bij mensen die insuline of bepaalde andere diabetesmedicijnen gebruiken (24).
Sommige geneesmiddelen kunnen je eetlust en gewicht beïnvloeden.
Denk bijvoorbeeld aan bepaalde antipsychotica, sommige antidepressiva, corticosteroïden en bepaalde medicijnen die bij diabetes worden gebruikt (25).
Heb je het idee dat je medicatie invloed heeft op je eetlust? Bespreek dit dan met je arts of apotheker.
Stop nooit op eigen initiatief met voorgeschreven medicatie.
Disclaimer: dit overzicht geeft je een idee van mogelijke oorzaken en is niet bedoeld om zelf een diagnose te stellen. Heb je aanhoudend veel honger of herken je meerdere van deze signalen? Bespreek dit dan met je huisarts.
Bij de meeste mensen komt aanhoudende honger voort uit leefstijl. Maar hoe weet je of er bij jou meer aan de hand is?
Maak een afspraak met je huisarts als je aanhoudende honger merkt in combinatie met:
Twijfel je of jouw klachten hieronder vallen? Bespreek ze dan met je huisarts. Die kan samen met je kijken wat er mogelijk speelt en of verder onderzoek nodig is.
Zie een supplement altijd als aanvulling van de basis.
Vaak genoeg zie ik dat mensen er meteen voor kiezen zonder eerst naar hun eigen leefstijl te kijken, terwijl daar vaak al veel winst te halen valt.
Vier factoren vormen samen de basis waar je het meeste aan hebt:
Begin bij wat voor jou het makkelijkst haalbaar is. Voor de één is dat een vast slaapritme, voor de ander een ontbijt dat beter vult of een paar minuten ontspanning per dag.
Heb je een van de veertien oorzaken hierboven herkend? Pak dan die ene aan, en kijk na een paar weken wat het met je hongergevoel doet.
Kleine, structurele aanpassingen leveren op de lange termijn meer op dan een strenge aanpak die je toch niet volhoudt. Dat geldt voor je eetpatroon, maar net zo goed voor slaap en stress.
Vaak door een combinatie van factoren: je maaltijden, slaap, stress, beweging en soms medicijnen. Heb je er ook veel dorst, onbedoeld gewichtsverlies, hartkloppingen of aanhoudende vermoeidheid bij? Bespreek dit met je huisarts.
Kijk vooral naar de samenstelling van je maaltijd. Kies bijvoorbeeld voor volkoren producten, peulvruchten, yoghurt, eieren en noten. Daarmee voeg je onder andere eiwitten en vezels toe aan je maaltijd.
Zorg voor voldoende eiwit en vezels per maaltijd, eet rustig en kijk ook naar je slaap, stress en vochtinname. Meestal is het een combinatie die de doorslag geeft.
Water drinken kan tijdelijk bijdragen aan een voller gevoel, maar het vervangt geen maaltijd. Honger en dorst zijn verschillende signalen. Zorg daarom vooral dat je verspreid over de dag voldoende drinkt.
Dat kan. Onderzoek laat zien dat mensen die kort slapen gemiddeld een hoger ghrelineniveau hebben, het hormoon dat je aanzet tot eten. Hoe de rest van je eetlusthormonen daarop reageert, verschilt per persoon en per onderzoek.
Wit brood en koekjes bevatten vaak minder vezels dan volkoren alternatieven. Merk je dat je daarna snel weer trek krijgt? Combineer ze dan bijvoorbeeld met producten die eiwitten en vezels leveren.
Dat kan. Onderzoek suggereert dat vloeibare voeding in sommige situaties minder verzadigend kan zijn dan vaste voeding. Merk je dat zelf ook, probeer dan eens een maaltijd waarop je meer moet kauwen.
Ja, dat kan. Wie vaak of intensief sport, gebruikt meer energie en kan daardoor meer trek krijgen. Stem je maaltijden af op hoeveel je beweegt en kies voor een combinatie van eiwitbronnen, vezelrijke producten en koolhydraten. Heb je na het sporten trek? Dan kan een volwaardige maaltijd of tussendoortje helpen om je energie weer aan te vullen.
Ja. Bij een te snel werkende schildklier verbruikt je lichaam meer energie. Je kunt daardoor meer eetlust hebben terwijl je toch afvalt. Ook hartkloppingen en trillende handen kunnen voorkomen. Herken je deze combinatie van klachten? Bespreek dit dan met je huisarts.
Daar kunnen verschillende oorzaken voor zijn. Te weinig slaap kan bijvoorbeeld invloed hebben op zowel je energie als je hongergevoel. Heb je daarnaast veel dorst, moet je vaak plassen of verlies je onbedoeld gewicht? Bespreek dit dan met je huisarts.
Kijk eerst naar de samenstelling van je maaltijden. Zorg voor voldoende eiwitbronnen en vezelrijke producten, slaap voldoende en leg jezelf geen onnodig strenge eetregels op. Kies vooral voor een aanpak die je op de lange termijn kunt volhouden.
Ja, sommige medicijnen kunnen je eetlust en gewicht beïnvloeden. Dat geldt bijvoorbeeld voor bepaalde antipsychotica, antidepressiva en corticosteroïden. Merk je verschil sinds je met een nieuw medicijn bent begonnen? Bespreek dit dan met je arts of apotheker en stop niet zelf met voorgeschreven medicatie.
Als ik één ding zou meegeven: constant honger hebben ligt zelden aan een gebrek aan wilskracht.
Vaak is het een optelsom van wat je eet, hoe je slaapt en hoeveel stress je hebt, en bij een klein deel van de mensen speelt er iets medisch.
Kijk dus eerst naar je voeding, je slaap en je stressniveau, daar valt voor de meeste mensen al veel winst te halen.
Twijfel je toch, dan is een gesprek met je huisarts nooit een verkeerde stap.
Blijf je vooral trek houden in het uur ná een maaltijd? Ook als je gewoon genoeg hebt gegeten?
Dan spelen andere dingen mee, zoals hoeveel volume je maaltijd had en hoe snel je maag weer leeg was. Lees daarover de oorzaken van hongergevoel na het eten.
Gebruikte bronnen