Whey protein: wat is het en wanneer gebruik je het?
|
|
Tijd om te lezen 16 min
Winkelwagen
Je winkelwagen is leeg
|
|
Tijd om te lezen 16 min
Een schep whey na het sporten, of gewoon omdat je wat extra eiwitten wilt binnenkrijgen: voor veel mensen hoort het er inmiddels vanzelfsprekend bij.
"Whey" is het Engelse woord voor wei. In het Nederlands spreken we ook over wei-eiwit, maar op verpakkingen en in de sportschool kom je vooral de Engelse naam tegen.
Wat maakt whey nou eigenlijk anders dan andere eiwitbronnen, en welke soort past bij jou? In dit artikel vertel ik je wat je moet weten over whey protein en waar je op kunt letten als je het wilt gebruiken.
Whey protein is de Engelse benaming voor wei-eiwit, dat ontstaat bij de kaasbereiding en alle essentiële aminozuren bevat.
Whey concentraat, isolaat en hydrolysaat verschillen in eiwit- en lactosegehalte én in de manier waarop ze worden verwerkt.
De totale dagelijkse eiwitinname is bepalend, niet het exacte moment van innemen.
Whey protein is dus wei-eiwit. Het wordt gewonnen uit de vloeibare wei die ontstaat bij de productie van kaas.
Tijdens de kaasbereiding scheidt melk zich in een vast deel, waar de kaas van wordt gemaakt, en een vloeibaar deel: de wei. Die wei kan vervolgens worden gefilterd en gedroogd tot het bekende witte eiwitpoeder in je shaker.
Wat whey interessant maakt, is de samenstelling van het eiwit.
Aminozuren zijn de bouwstenen van eiwitten. Negen daarvan kan je lichaam niet zelf aanmaken: de zogeheten essentiële aminozuren, waaronder leucine, lysine en isoleucine.
Whey bevat ze alle negen, met relatief veel leucine. Daarom wordt whey gezien als een compleet eiwit.
Goed om te weten: whey is een melkeiwit. Heb je een koemelkallergie, dan is whey dus niet geschikt. Dat is iets anders dan lactose-intolerantie, waar ik verderop in dit artikel op terugkom.
Whey is vooral een makkelijke manier om extra eiwit aan je voeding toe te voegen. Voor eiwit gelden drie erkende functies in je lichaam:
Goed om te weten: dat geldt voor eiwit in het algemeen en dus ook voor whey, zolang minstens 12% van de energetische waarde van het product uit eiwit bestaat (1).
Train je fanatiek, dan vraag je je vast weleens af of die shake na het sporten er ook echt iets toe doet.
Wetenschappers stelden zich dezelfde vraag en bundelden de resultaten van 49 studies met in totaal bijna 1.900 deelnemers.
Wat ze zagen: extra eiwit naast krachttraining zorgde gemiddeld voor iets meer spiermassa en spierkracht (2).
Maar meer is niet altijd beter:
Rond een totale eiwitinname van ongeveer 1,6 gram per kilogram lichaamsgewicht per dag leek het extra effect voor de toename van vetvrije massa gemiddeld af te vlakken, al verschilde dat kantelpunt van persoon tot persoon vrij sterk (2).
Met vetvrije massa bedoelen onderzoekers alles wat je weegt buiten je vetmassa, waaronder spieren, botten en organen.
Eet je dus al ruim voldoende eiwit uit je gewone voeding? Dan merk je van een extra schep whey waarschijnlijk weinig verschil.
Om te onthouden: de combinatie is waar het om draait. Krachttraining geeft de belangrijkste prikkel, terwijl eiwit bijdraagt tot de groei en instandhouding van je spiermassa. Zonder die training blijft extra eiwit relatief weinig opleveren.
Hoeveel eiwit dat dan concreet voor jou betekent, en hoe whey daarin past, lees je verderop bij de dosering.
Hoeveel whey je nodig hebt, hangt niet af van een vast aantal scheppen, maar van je totale eiwitbehoefte. Die verschilt per persoon.
Dat hangt vooral af van hoeveel je beweegt, maar er zijn duidelijke richtlijnen om vanuit te werken:
Whey is één manier om aan die hoeveelheid te komen, niet de enige. Maar hoe vertaalt zich dat naar wat je daadwerkelijk binnenkrijgt per portie?
Eén schep whey van ongeveer 30 gram poeder levert doorgaans 20 tot 25 gram eiwit, afhankelijk van merk en vorm.
Bij een zuiver isolaat, met een hoger eiwitgehalte, kan dat net iets boven deze range liggen.
Rekenvoorbeeld:
Weeg je 70 kilo en train je regelmatig? Dan komt dat neer op zo’n 98 tot 140 gram eiwit per dag. Met één tot twee scheppen whey, verspreid over de dag, kun je een deel daarvan makkelijk aanvullen.
De rest haal je uit eiwitrijke voeding, zoals vlees, vis, eieren, peulvruchten en zuivel.
Nu je weet hoeveel je nodig hebt, is de volgende vraag misschien wel de belangrijkste: maakt het uit wannéér je die eiwitten binnenkrijgt?
Minder dan vaak wordt gedacht.
Onderzoekers vergeleken eiwitinname vóór training met eiwitinname ná training en zagen geen verschil in de toename van vetvrije massa (5).
Bij spierkracht in de benen zagen de onderzoekers wel een grotere toename bij wie al vóór de training eiwit binnenkreeg.
Belangrijker dan dat ene moment is hoeveel eiwit je over de hele dag binnenkrijgt. Dat blijkt uit breder onderzoek (4): zodra je totale dagelijkse eiwitinname op orde is, speelt timing maar een beperkte rol.
En hoe zit het met het anabool venster?
Het idee van een heel kort 'anabool venster' direct na het sporten is inmiddels genuanceerd: de aanmaak van nieuw spiereiwit (spiereiwitsynthese) houdt na krachttraining langer aan dan alleen het eerste uur.
Tip: sport je regelmatig? Verdeel je eiwitinname dan over de dag, bijvoorbeeld over meerdere eetmomenten met zo'n 20 tot 40 gram eiwit per keer. Zo hoef je niet een groot deel van je dagelijkse eiwitten in één shake te stoppen.
Eiwit is trouwens niet het enige waar je op let als je veel traint.
Als je intensief zweet, verlies je vooral natrium. Andere mineralen, zoals magnesium, verlies je via zweet meestal in kleinere hoeveelheden.
Toch is magnesium interessant als je regelmatig sport. Niet zozeer omdat je er tijdens het zweten grote hoeveelheden van verliest, maar omdat magnesium bijdraagt tot een normale werking van de spieren (6).
Met een gevarieerd voedingspatroon kun je doorgaans voldoende magnesium binnenkrijgen. Wil je extra op je magnesiuminname letten? Dan kan dat bijvoorbeeld via magnesiumrijke voeding of een supplement met magnesium en taurine.
Om te onthouden: er bestaat geen vast schema. De totale hoeveelheid eiwit die je over de dag binnenkrijgt, telt zwaarder mee dan het exacte moment waarop je je shake drinkt.
Whey wordt gemaakt van melk en kan daardoor lactose bevatten. Hoeveel lactose erin zit, verschilt per soort en product. Hieronder lees je hier meer over:
Bij lactose-intolerantie maakt je lichaam te weinig van het enzym lactase aan. Dit enzym helpt om lactose, de natuurlijke melksuiker in melk, af te breken.
Krijg je meer lactose binnen dan je lichaam goed kan verteren? Dan kun je klachten krijgen zoals een opgeblazen gevoel, winderigheid of diarree.
Goed om te weten: dat betekent niet automatisch dat je whey moet vermijden. Het is vooral belangrijk om te kijken naar het type whey en hoeveel lactose daarin zit.
Niet iedere vorm van whey bevat evenveel lactose. Vooral tussen whey concentraat en isolaat zit een duidelijk verschil (7):
Goed om te weten: hoeveel lactose je kunt verdragen, verschilt van persoon tot persoon. Heb je lactose-intolerantie, dan kan een whey isolaat door het lagere lactosegehalte een geschiktere keuze zijn dan concentraat. Ook isolaat is echter niet per definitie volledig lactosevrij. Controleer daarom altijd het etiket als je lactose wilt vermijden.
Verdraag je whey niet goed of kies je liever voor plantaardig? Dan zijn er verschillende alternatieven zonder melkeiwit.
Gebruik je liever geen melkeiwit? Dan kun je kiezen uit verschillende plantaardige eiwitbronnen:
Goed om te weten: plantaardige eiwitbronnen verschillen in de hoeveelheid en verhouding van essentiële aminozuren die ze leveren. Door verschillende bronnen, zoals erwten- en rijsteiwit, te combineren, kun je hun aminozuurprofielen mooi aanvullen.
Blijf je liever bij melkeiwit, dan kom je naast whey ook al snel caseïne tegen.
Het belangrijkste verschil zit in de vertering: whey wordt relatief snel verteerd, terwijl caseïne veel langzamer wordt verteerd (8).
Goed om te weten: voor de goedgekeurde eiwitclaims maakt dat verschil niet uit. Eiwitten dragen bij tot de groei en instandhouding van de spiermassa en tot de instandhouding van normale botten, voor whey én caseïne. Wat de twee dan wél uit elkaar houdt, is die verteringssnelheid.
Als je whey protein wil kopen, heb je keuze genoeg. Concentraat, isolaat of hydrolysaat, verschillende eiwitpercentages en allerlei smaken. Maar hoe weet je nu welk product bij je past?
Let op de volgende punten:
Kortom: een hoog eiwitgehalte is dus niet het enige waar je op kunt letten. Ook ingrediënten, prijs, smaak en oplosbaarheid bepalen uiteindelijk welke whey het beste bij je past. In het volgende deel kijken we daarom verder dan alleen het etiket.
Van chocolade en vanille tot aardbei of een frisse clear whey: whey is er in allerlei smaken en varianten. Wat het beste bij je past, hangt vooral af van hoe je het wilt gebruiken.
Drink je je whey het liefst als shake, of meng je het poeder door je yoghurt, havermout of smoothie?
Grofweg kun je kiezen uit drie opties:
Meng je whey met water of melk en schud tot het poeder goed is opgelost. Welke vloeistof je kiest, bepaalt vooral hoe romig en vol je shake wordt.
Door de jaren heen heb ik zo mijn favoriete manieren ontdekt om een whey shake lekker en zonder klontjes te maken.
Een vraag die ik vaak krijg, is of whey protein slecht is voor je nieren.
Een begrijpelijke vraag, zeker omdat je met whey gemakkelijk extra eiwit binnenkrijgt. Het is daarbij wel belangrijk om onderscheid te maken tussen gezonde mensen en mensen die al nierproblemen hebben.
Kort gezegd zit het zo:
Heb je gezonde nieren? Dan geeft onderzoek geen consistente aanwijzingen dat een hogere eiwitinname je nieren beschadigt.
Dat zag een meta-analyse van 28 studies met 1.358 deelnemers al in 2018 (9), en een recentere analyse van 22 gerandomiseerde studies bevestigt dat beeld in 2026 (10).
Wel reageren je nieren op een hogere eiwitinname. Ze gaan onder andere meer bloed filteren. Dat is op zichzelf geen bewijs van nierschade. Omdat veel onderzoeken relatief kort duurden, weten we minder over de effecten van jarenlang een zeer eiwitrijk voedingspatroon volgen.
Belangrijk is wel om te weten dat deze onderzoeken gaan over een hogere totale eiwitinname en niet specifiek over whey protein.
Heb je een nierziekte? Dan is het een ander verhaal en kan de hoeveelheid eiwit die voor jou geschikt is afwijken. Bespreek je eiwitinname en het gebruik van whey daarom met je arts of diëtist.
Krijg je na een whey shake een opgeblazen gevoel, winderigheid of andere buikklachten? Dan kunnen verschillende dingen een rol spelen, zoals lactose, de hoeveelheid die je gebruikt of andere ingrediënten in je eiwitpoeder.
Heb je het idee dat lactose de boosdoener is? Scroll dan even terug naar het hoofdstuk over whey en lactose. Daar leg ik uit hoeveel lactose de verschillende soorten whey bevatten en welke alternatieven je hebt.
Disclaimer: blijf je regelmatig buikklachten houden? Ga er dan niet automatisch van uit dat lactose of whey de oorzaak is. Bespreek aanhoudende of ernstige klachten met je huisarts of diëtist.
Whey protein, of wei-eiwit, is een eiwit dat wordt gewonnen uit de vloeibare wei die overblijft bij het maken van kaas. Het bevat alle negen essentiële aminozuren en wordt daarom gezien als een compleet eiwit.
Whey vult je dagelijkse eiwitinname makkelijk aan. Eiwitten dragen bij tot de groei en instandhouding van de spiermassa en tot de instandhouding van normale botten, mits het product minstens 12% eiwit uit de energetische waarde haalt.
De vormen verschillen vooral in eiwitgehalte, lactosegehalte en verwerkingsgraad. Concentraat bevat doorgaans meer lactose, isolaat is verder gezuiverd en bevat minder lactose, en bij hydrolysaat hangt het lactosegehalte af van waarvan het is gemaakt.
Clear whey is een heldere, drinkbare variant van whey protein die je aanmaakt met water. De smaak lijkt meer op limonade of ijsthee dan op een romige shake.
Dat hangt af van je totale eiwitbehoefte, niet van een vast aantal scheppen. Beweeg je niet veel? Dan is 0,83 gram eiwit per kilogram lichaamsgewicht per dag de EFSA-referentie-inname. Sport je regelmatig? Dan ligt die behoefte tussen de 1,4 en 2,0 gram per kilogram lichaamsgewicht per dag.
Het precieze moment maakt minder uit dan vaak wordt gedacht. Belangrijker is dat je je eiwitinname over de dag verspreidt, bij voorkeur in porties van ongeveer 20 tot 40 gram.
Whey protein is geen afslankmiddel. Wel kan het een praktische manier zijn om voldoende eiwitten binnen te krijgen. Eiwitten dragen bij tot de instandhouding van spiermassa.
Dat hangt af van het type whey dat je kiest. Whey isolaat bevat doorgaans minder lactose dan whey concentraat. Bij whey hydrolysaat verschilt het lactosegehalte per product en hangt het onder andere af van de gebruikte basis. Check daarom altijd het etiket als je lactose wilt beperken.
Het belangrijkste verschil zit in de vertering: whey wordt relatief snel verteerd, terwijl caseïne in de maag stremt en daardoor langzamer wordt verteerd. Voor de goedgekeurde eiwitclaims maakt dat verschil niet uit.
Ja, denk aan erwteneiwit, sojaeiwit of een combinatie van erwten- en rijsteiwit. Deze plantaardige bronnen bevatten van nature geen lactose.
Whey protein is een geconcentreerde bron van eiwitten die goed past binnen een gevarieerd voedingspatroon en door gezonde mensen doorgaans goed wordt verdragen.
Bij gezonde nieren geeft onderzoek geen consistente aanwijzingen dat een hogere eiwitinname de nieren beschadigt. Heb je een nierziekte, dan kan de hoeveelheid eiwit die voor jou geschikt is afwijken: bespreek dat met je arts of diëtist.
De meest voorkomende klacht is een opgeblazen gevoel of andere buikklachten, vaak door lactose, een te grote portie in één keer of andere ingrediënten in het poeder. Heb je een koemelkallergie, dan is whey niet geschikt.
Eén schep whey van ongeveer 30 gram poeder levert doorgaans 20 tot 25 gram eiwit, afhankelijk van merk en vorm.
Welke smaak het lekkerst is, verschilt van persoon tot persoon. Klassieke smaken zoals chocolade en vanille zijn het populairst, clear whey is een fris alternatief en naturel whey is handig als je liever geen extra smaak toevoegt aan yoghurt, havermout of een smoothie.
Let bij de aankoop op het eiwitgehalte per 100 gram, de vorm, de ingrediëntenlijst, de herkomst en of het product onafhankelijk is getest.
Whey protein hoeft eigenlijk niet ingewikkeld te zijn. Het is vooral een makkelijke manier om extra eiwit binnen te krijgen wanneer dat met je gewone voeding niet altijd lukt.
Welke variant je kiest, hangt vervolgens af van wat jij belangrijk vindt: bijvoorbeeld het eiwit- en lactosegehalte, de ingrediënten, smaak en prijs.
Zie whey daarom vooral als een praktische aanvulling op je voeding.
Uiteindelijk is niet die ene shake of het perfecte moment van innemen bepalend, maar hoeveel eiwit je over de hele dag binnenkrijgt.
Kies dus een whey die bij je past en gebruik hem op de momenten waarop jij er daadwerkelijk iets aan hebt.
Gebruikte bronnen